Van Aruba naar Den Helder
Imro werd in 1942 geboren op Aruba. Op zijn achttiende verhuisde hij naar Nederland om te studeren. Een grote overgang, zoals hij zelf zegt: “Je moest jezelf redden of verzuipen.” Zonder studiebeurs, in een ander klimaat en ver weg van zijn vertrouwde omgeving, moest hij alles opnieuw opbouwen.
“Het onderwijs op Aruba is hetzelfde als in Nederland,” vertelt hij. “Bolke de Beer, Pietje Bell, De Kameleon, dat had je daar ook. De eenzaamheid en het op jezelf aangewezen zijn, dat was de grootste verandering toen ik naar Nederland kwam.”
Na veertig jaar in het onderwijs koos hij na zijn pensionering bewust voor Den Helder.
“Ik ken Den Helder uit mijn marine tijd en ik had altijd al de wens om dicht bij de zee te wonen.” vertelt hij.
Die combinatie bracht hem uiteindelijk naar De Rietschooten.
“Hier is iedereen vriendelijk. Het heeft iets dorps. Ik woon er nu vijftien jaar en ik heb me vanaf het begin thuis gevoeld.”
Imro kijkt realistisch naar hoe de gemeenschap zich ontwikkelt
Over het leven in De Rietschooten zegt Imro:
“Je bent niet alleen huurder van Woontij. Je bent óók medebewoner van een vereniging (woon-leefgemeenschap De Rietschooten). Dat is een groot verschil.”
Dat betekent dat besluiten gezamenlijk worden genomen:
“Soms moet je over je eigen schaduw heen kunnen stappen. Je krijgt nooit voor 100 procent je zin. Het besluit is genomen en daar zul je je aan moeten conformeren.”
Activiteiten zoals koffiedrinken op zondag, gezamenlijke feestdagen, bingo en klaverjassen zorgen voor verbondenheid.
“Het is vrij en informeel,” zegt Imro. “Soms zijn we met tien mensen, soms met 22. Het gaat om de sfeer, het samenleven, niet om de cijfers.”
Imro kijkt realistisch naar hoe de gemeenschap zich ontwikkelt
“We worden ouder. De gemiddelde leeftijd is boven de tachtig. Er komen nieuwe bewoners met nieuwe ideeën. Dat geeft leven, maar soms ook wat wrijving. Dat hoort gewoon bij samenleven.”
De rol van complexvertegenwoordiger
Sinds 2020 vertegenwoordigt Imro het complex. Zijn jarenlange ervaring in het onderwijs helpt hem bij het verbinden van verschillende belangen:
“Als docent heb ik ervaring met medezeggenschapsraden en fusies: dat helpt bij het samenbrengen van verschillende belangen. Je bent de ogen en oren van Woontij, maar vooral een luisterend oor voor de bewoners.”
“Het is een groeiproces. Je leert luisteren, geduld hebben en soms je eigen ego aan de kant zetten.”
Volgens Imro vraagt de rol om geduld, aandacht en de bereidheid om te kijken naar de persoon áchter de vraag.
“Vaak zit achter een klacht of een vraag een hele andere beleving. Het is belangrijk niet meteen met een oordeel klaar te staan, de argumenten van mensen te horen. Daar leer je zelf ook van.”
Zijn werk beschrijft hij als een vorm van dienend leiderschap: aanwezig zijn, meedenken en dingen mogelijk maken die voor bewoners veel betekenen.
“Voorzieningen regelen, interne verhuizingen soepel laten verlopen. Het zijn die momenten dat je voelt dat je echt iets hebt betekend voor de gemeenschap.”
Imro benadrukt dat een vertegenwoordiger vooral een mensenmens moet zijn:
“Je moet kunnen overleggen, open communiceren, conflicten uitpraten. Het allerbelangrijkste: echt luisteren, niet meteen klaarstaan met een oplossing. Achter elk verhaal schuilt een stukje beleving.”
Zonder betrokken bewoners is er geen woon-leefgemeenschap
“Zonder betrokken bewoners is er geen woon-leefgemeenschap. Er moeten mensen zijn die willen en kunnen meewerken, van activiteiten organiseren tot beslissingen nemen. Alleen zo blijft de gemeenschap levend en verbonden.”
Over verbondenheid is Imro heel duidelijk:
“Hier hoef je niet eenzaam te zijn. Als ze me een dag niet zien, vragen ze: ‘Waar is Imro?’”
En over de momenten van afscheid:
“Als er een bewoner ons ontvallen is, dan staan we allemaal aan weerszijden van de weg.”
Hij glimlacht.
“Het is geen paradijs, dat zal het nooit worden. Het is een plek waar je samenleeft en waar mensen op elkaar letten. Daar zijn we trots op.”